top of page

Vitamines en hun werking / betekenis

Bron: Orthokennis


Werking vitamine C

De mens kan zelf geen vitamine C synthetiseren en is voor de vitamine-C-voorziening volledig afhankelijk van de voeding. Vitamine C is wateroplosbaar en komt in het hele lichaam verspreid voor met de hoogste concentratie in de bijnieren en hypofyse. De grootste hoeveelheid vitamine C bevindt zich echter in lever en skeletspieren, vanwege de grote omvang in relatie tot het hele lichaam.


Voor de aanmaak van collageen en andere bindweefselmoleculen is vitamine C essentieel. Mede daarom helpt vitamine C de bloedvaten gezond en elastisch te houden. Alle weefsels die ons lichaam structuur en stevigheid geven zoals de gewrichten, pezen, huid, spieren (waaronder de hartspier), botten en bindweefsel zijn afhankelijk van de opbouwende activiteit van vitamine C, met name in herstelperiodes. Daarnaast speelt vitamine C een belangrijke rol bij de synthese van neurotransmitters, steroïdhormonen, carnitine, de omzetting van cholesterol in galzuren, de afbraak van tyrosine en de mineralenstofwisseling.


Vitamine C is co-enzym van vele enzymen die bij uiteenlopende biologische processen betrokken zijn. De antioxidantfunctie van vitamine C is onder meer van belang voor het behoud van gezonde cellen en weefsels. Vitamine C heeft een gunstige invloed op hart en bloedvaten. Vitamine C helpt bij de eliminatie van zware metalen zoals kwik, lood, cadmium en nikkel. In het maagdarmkanaal voorkomt vitamine C de omzetting van nitraat en nitriet in nitrosaminen. Ook speelt vitamine C een rol bij de prostaglandinensynthese en het ondersteunt het immuunsysteem. Op basis van de talloze functies van vitamine C zijn de toepassingen eveneens talrijk.


Bronnen

Groenten, fruit, aardappelen, orgaanvlees (lever, nier)


Kwaliteitsaspecten

Voor een hoge inname van vitamine C is ascorbinezuur (de goedkoopste en meest gebruikte vorm van vitamine C) niet altijd geschikt, daar veel mensen deze zure vitamine C minder goed verdragen. Naast ascorbinezuur is vitamine C beschikbaar in de (niet-zure) vorm van mineraalascorbaten (vitamine C gebonden aan een mineraal zoals calcium of magnesium) en Ester-C.


Ester-C wordt beschouwd gezien worden als de derde generatie vitamine C. Het is een unieke, gepatenteerde formule die een groot aantal voordelen van ascorbinezuur en calciumascorbaat combineert. Zodra vitamine C in het lichaam is opgenomen, wordt het omgezet, en de belangrijkste metaboliet is vermoedelijk threonzuur. Ester-C is calciumascorbaat dat al gedeeltelijk is geoxideerd waardoor de natuurlijke metaboliet threonzuur reeds aanwezig is. Threonzuur en de andere metabolieten bevorderen de opname en benutting van vitamine C in het lichaam. Bovendien blijkt threonzuur in staat om reeds in het lichaam opgeslagen vitamine C te mobiliseren en beschikbaar te maken voor stofwisselingsprocessen. Ester-C bestaat uit een complex van calciumascorbaat (vitamine C), met calcium gebonden, natuurlijke metabolieten van vitamine C.

Tekenen van een mogelijk tekort

Vermoeidheid, zwakte, myalgie (spierpijn), verminderde weerstand, gebrek aan eetlust, slechte wondheling, snel blauwe plekken krijgen, bloedend tandvlees, zwakte bindweefsel, scheurbuik bij ernstig tekort (gewichtsverlies, slapeloosheid, vermoeidheid, afgenomen weerstand, tandvleesbloedingen, onderhuidse bloedingen, inwendige bloedingen, tanduitval, oedeem in benen, neuropathie).


Indicaties

Lage vitamine C-inname / vitamine C-tekort

Infectieziekten (ook preventie)

Verzwakt immuunsysteem

Veroudering

Roken

Stress

Oogaandoeningen (cataract, leeftijdsgerelateerde maculadegeneratie, glaucoom)

Hart- en vaatziekten, atherosclerose (ook preventie), preventie boezemfibrilleren

Jicht (ook preventie)

Luchtwegaandoeningen (longontsteking, bronchitis, astma, COPD)

Allergie

Wondheling (wonden, brandwonden, botfracturen, zweren)

Ondersteuning ijzeropname (bij ijzersuppletie)

Preventie urineweginfectie (tijdens zwangerschap)

Sport

Diabetes mellitus, metabool syndroom

Kanker(preventie)

Osteoartritis

Bescherming tegen schade door UV-straling, radioactieve straling

Niet-alcoholische steatohepatitis

Ondersteuning leverdetoxificatie en eliminatie zware metalen

Galstenen (preventie)

Preventie/vertraging leeftijdsgerelateerde cognitieve achteruitgang

Neerslachtigheid, depressie

Preventie osteoporose

Verminderde vruchtbaarheid (mannen, vrouwen)

Neurodegeneratieve ziekten, epilepsie

Reisziekte

Postoperatieve pijn, complex regionaal pijn syndroom

Postherpetische neuralgie

Parodontitis

Gastritis

Migraine profylaxe

Chronische ontstekingsziekten en ziekten met verhoogde oxidatieve stress


Contra-indicaties

Hoge doses vitamine C worden afgeraden bij:


Chemotherapie, bestraling

IJzerstapeling (thalassemie, hemochromatose)

Sterk verminderde nierfunctie

Zwangerschap, lactatie


Gebruiksadviezen

Algemene onderhoudsdosering*: 1-3 gram per dag

Therapeutische dosering**: vanaf 2-3 gram per dag (desgewenst de dosis opvoeren tot darmtolerantie, d.w.z. het optreden van diarree)

Griep, verkoudheid: dosis tot 0,5-1 gram per uur

* Gebruik vitamine C bij voorkeur in combinatie met andere antioxidanten; antioxidanten hebben een sterke wisselwerking en recyclen elkaar.

** De Amerikaanse orthomoleculaire arts Klenner hanteerde therapeutische (orale) doses van maar liefst 350 mg vitamine C per kilogram lichaamsgewicht per dag. De preventieve dosis bedroeg eenzesde deel van deze dosis (60 mg/kg/dag). Volgens het Linus Pauling Institute zijn er geen aanwijzingen uit onderzoek dat hoge doses vitamine C (tot 10 gram per dag) kwaad kunnen. Bouw na langdurige inname van een hoge dosis vitamine C de dosis geleidelijk af; de vitamine C-bloedspiegel kan anders te sterk dalen.

De aanvaardbare bovengrens van inname (UL of Upper Limit) voor vitamine C (bron: Natural Medicines):

1-3 jaar: 400 mg per dag

4-8 jaar: 650 mg per dag

9-13 jaar: 1200 mg per dag

14-18 jaar: 1800 mg per dag

vanaf 18 jaar: 2000 mg per dag (ook tijdens zwangerschap/lactatie)

Interactie

Een hoge inname van vitamine C kan de werking van anticoagulantia (zoals warfarine) verminderen.

Vitamine C verhoogt de effectiviteit van de triple therapie tegen Helicobacter pylori-infectie (ulcus pepticum maag, duodenum).

Vitamine C versterkt de werking van fluoxetine tegen depressie.

Vitamine C kan bijwerkingen van acetaminofen versterken, waaronder leverbeschadiging.

Vitamine C kan de effectiviteit van de anti-kanker medicijnen (waaronder cyclofosfamide, chloorambucil, cisplatine, vincristine, methotrexaat en doxorubicine) verlagen.

Vitamine C verhoogt de opname van (giftig) aluminium uit aluminium bevattende antacida.

Vitamine C kan de bloedspiegel (en daardoor bijwerkingen) van aspirine verhogen, maar ook beschermen tegen slijmvliesirritatie door gebruik van aspirine; aspirine kan de bloedspiegel van vitamine C verlagen.

Vitamine C kan bijwerkingen van levodopa verminderen.

Gelijktijdige inname van een hoge dosis vitamine C kan de bloedspiegel van flufenazine en indinavir verlagen.

Nicotine, de anticonceptiepil, barbituraten, tetracyclines, protonpompremmers en diuretica kunnen de vitamine C-behoefte verhogen.

Vitamine C verhoogt de opname van ijzer, chroom, mangaan en luteïne en verlaagt de uitscheiding van foliumzuur.

Een hoge dosis vitamine C kan de vitamine B12-status en koperstatus negatief beïnvloeden.

Een vitamine C-tekort verhoogt de uitscheiding van vitamine B6.

Vitamine C niet gelijktijdig met orale contraceptiva innemen; dit kan leiden tot een hogere oestrogeenspiegel.

Vitamine C kan de werking van nitroglycerine ondersteunen (en nitraattolerantie tegengaan).

Vitamine C beschermt organen tegen toxiciteit van MSG (monosodiumglutamaat).


Veiligheid

Vitamine C is een veilige (wateroplosbare) vitamine, ook in hoge doseringen. Megadoses vitamine C kunnen maagdarmklachten veroorzaken (misselijkheid, gasvorming, buikkramp en diarree). Binnen de orthomoleculaire visie wordt dit gezien als het bereiken van de darmtolerantie; op het moment dat maagdarmklachten ontstaan is de maximale werkzame dosis bereikt. Bij een hoge inname van vitamine C kan het beste gekozen worden voor een mineraalascorbaat of ester-C (zie kwaliteitsaspecten), daar veel mensen ascorbinezuur minder goed verdragen. Suppletie met vitamine C verhoogt de kans op nierstenen waarschijnlijk niet; vanwege de controverse die hierover bestaat kan desgewenst aan mensen met (bewezen) oxalaatbevattende nierstenen het advies worden gegeven de inname van vitamine C (in de vorm van ascorbinezuur) te beperken



Vitamine D

In de orthomoleculaire wereld is het belang van hoge doseringen vitamine D al geruime tijd een prominent gespreksonderwerp. Langzamerhand weet een stortvloed aan ondubbelzinnige onderzoeksresultaten ook nationale en Europese overheidsinstellingen te overtuigen. Zowel de aanbevolen dagelijkse hoeveelheden als de maximaal toegestane doseringen blijven stijgen.


Het in vet oplosbare vitamine D is essentieel voor onze gezondheid. Strikt genomen is vitamine D geen echte vitamine. Het kan immers tussen mei en oktober worden aangemaakt in de (onbedekte) huid onder invloed van UV-B (ultraviolet licht) uit zonlicht. Je dient dan wel iedere dag tussen 11 uur ‘s ochtends en 3 uur ‘s middags ten minste een kwartier tot een half uur buiten te zijn. De rest van het jaar is het zon licht niet krachtig genoeg om een adequate vitamine D aanmaak te garanderen. Belangrijke risicogroepen voor vitamine D-tekort zijn baby's, kinderen, zwangere vrouwen en ouderen. Daarbij kunnen mensen met een donkere huidskleur en mensen die hun lichaam grotendeels bedekken, altijd zonnebrandmiddelen gebruiken of de meeste tijd binnenshuis doorbrengen, het hele jaar door een te lage lichaamseigen aanmaak van vitamine D hebben. Kortom, een deel van het jaar of het hele jaar zijn we voor een goede vitamine D-voorziening afhankelijk van vitamine D uit voedingssupplementen. Het is namelijk vrijwel onmogelijk om voldoende vitamine D uit de voeding te halen, zelfs bij het gebruik van voedingsmiddelen die zijn verrijkt met vitamine D.


De kennis over de rol van vitamine D in het menselijk lichaam is de laatste decennia enorm toegenomen. Wetenschappers hebben receptoren voor vitamine D aangetroffen in meer dan 30 verschillende typen weefsels en organen, waaronder afweercellen, hersenen, spieren, hart, alvleesklier, schildklier, bijschildklier, thymus, huid (hoorncellen), darmen, eierstokken, baarmoeder, placenta, borst en prostaat. Dit betekent dat vitamine D een breed werkterrein heeft en op uiteenlopende manieren de gezondheid ondersteunt. Vitamine D is dus niet alleen belangrijk voor sterke botten en tanden. Uit recente wetenschappelijke studies is gebleken dat een goede vitamine D-voorziening op termijn gunstig is voor de levensverwachting en kwaliteit van leven. Zorgen voor een optimale vitamine D-voorziening, het hele jaar door, is daarom een uitstekende investering in de gezondheid!

Vitamine D:

is van belang voor sterke botten en tanden en verhoogt de opname van calcium (kalk) in botten en tanden;

is belangrijk voor sterke en soepele spieren en een goede balans;

bevordert een gezond en evenwichtig afweersysteem;

verhoogt de weerstand tegen infecties;

ondersteunt de stofwisseling van koolhydraten en vetten;

vermindert de vetopslag;

heeft een gunstige invloed op hart en bloedvaten;

helpt bij het behoud van een gezonde bloeddruk;

ondersteunt de barrièrefunctie van de darmwand;

is belangrijk voor de vruchtbaarheid;

is goed voor het zenuwstelsel, de hersenfunctie en de geestelijke veerkracht;

is positief voor stemming en welbevinden;

ondersteunt de conditie van het oog;

helpt bij het behoud van gezonde cellen en weefsels;

gaat verouderingsprocessen tegen.


Bronnen

Zonlicht, vette vis, vlees, eieren, (biologische) melk, met vitamine D verrijkte margarine, halvarine en bak- en braadproducten.


Tekenen van een mogelijk tekort

Rachitis, osteomalacie, osteoporose, spierzwakte, pijn in spieren en/of botten, (chronische) vermoeidheid, (chronische) pijn, verminderde weerstand voor infecties, verhoogde kans op onder meer hart- en vaatziekten, autoimmuunziekten, kanker en depressie.


Indicaties

1. Preventie en behandeling van een vitamine D-tekort

2. Aandoeningen en condities geassocieerd met een inadequate vitamine D-status:

bewegingsapparaat: osteoporose, botbreuken, osteomalacie, rachitis, myopathie, sarcopenie, renale osteodystrofie, grotere kans op vallen

auto-immuunziekten: diabetes type 1, multiple sclerose, chronische thyroïditis (Hashimoto), reumatoïde artritis, inflammatoire darmziekten, ziekte van Addison, SLE (systemische lupus erythematosus), psoriasis

diabetes type 2, diabetescomplicaties (diabetische neuropathie, retinopathie)

metabool syndroom, overgewicht/obesitas

hart- en vaatziekten: hypertensie, atherosclerose, ischemische hartziekte, hartfalen, beroerte, hartinfarct

luchtwegen: astma, COPD, bronchitis

infectieziekten: influenza, tuberculose, (virale) luchtweginfecties, verminderde weerstand, bacteriële vaginose

mentale aandoeningen: schizofrenie, depressie, angst, autisme, cognitieve achteruitgang bij ouderen

kanker: borst-, prostaat-, dikke darm-, huid-, blaas-, slokdarm-, maag-, ovarium-, nier-, cervix-, mond-, pancreas- en baarmoederkanker, Hodgkin en non-Hodgkin lymfoma

oogaandoeningen: leeftijdsgerelateerde maculadegeneratie

urticaria

PMS (premenstrueel syndroom)

vleesboom (leiomyoma uteri)

spijsverteringskanaal: verhoogde darmpermeabiliteit, (gedeeltelijke) verwijdering van de maag (gastrectomie), coeliakie (glutenintolerantie), inflammatoire darmziekten

taaislijmziekte (cystische fibrose, mucoviscidose)

leverziekten

chronische pijn

grotere kans op overlijden (alle oorzaken)


Contra-indicaties

Een hoge dosis vitamine D is gecontraindiceerd bij een hoge bloedspiegel van calcium of fosfor, hyperparathyroïdie en nierstenen. Wees voorzichtig met hoge doses vitamine D bij sarcoïdose; hierbij is de omzetting vitamine D in calcitriol toegenomen waardoor het risico op hypercalcemie toeneemt.


Gebruiksadviezen

De Gezondheidsraad heeft in 2012 de voedingsnormen voor vitamine D aangepast

Voedingsnormen vitamine D, in mcg per dag.

* Onvoldoende zonlichtblootstelling: dagelijks minder dan 15-30 minuten blootstelling aan hoog staande zon (tussen 11 en 15 uur) met hoofd en handen ontbloot.


** De veilige bovengrens van inname (Upper Level of UL) is de dagelijkse totale inname (uit voeding en voedingsupplementen) die iemand langdurig mag binnenkrijgen zonder dat dit schadelijke effecten veroorzaakt. Eenmalige of kortdurende overschreiding van de UL (om de vitamine D-status snel te verbeteren) zal in de regel geen schade veroorzaken.

In 2008 gaf de Gezondheidsraad tevens aan dat het wenselijk is dat dagelijks 20 microgram vitamine D extra wordt gebruikt door personen die osteoporose hebben of in een verzorgings- of verpleeghuis wonen en personen tussen 50 en 70 jaar die een donkere huidskleur hebben en onvoldoende buitenkomen of een sluier dragen.


Hogere vitamine D-inname gewenst

De Gezondheidsraad vindt een calcidiolspiegel vanaf 30 nmol/l (bij mensen boven 70 jaar vanaf 50 nmol/l) voldoende; de voedingsnormen voor vitamine D zijn hierop afgestemd. Internationale vitamine D-experts zijn echter van mening dat een goede vitamine D-voorziening inhoudt dat de calcidiolspiegel bij iedereen minimaal 75 nmol/l (of 30 ng/ml) bedraagt. Dit betekent dat de meeste Nederlanders (veel) meer vitamine D nodig hebben dan de Gezondheidsraad adviseert. De Gezondheidsraad baseert haar advies uitsluitend op het effect van vitamine D op botten en spieren; de vitamine D-onderzoekers baseren hun aanbeveling onder meer op de gezamenlijke gezondheidseffecten van vitamine D.


Om de calcidiolspiegel boven 75 nmol/l te houden hebben de meeste volwassenen een dosis vitamine D nodig tussen 25 en 75 mcg (1000-3000 ie) per dag. Ouderen hebben vaak een hogere vitamine D-behoefte dan (jong)volwassenen. Mensen met overgewicht of obesitas hebben meer vitamine D nodig dan mensen met een normaal lichaamsgewicht; vergeleken met mensen met een normaal lichaamsgewicht is de vitamine D-behoefte 1,5 tot 3 keer hoger.

Bij een te lage vitamine D-serumspiegel kan tijdelijk een hogere dosis vitamine D worden ingenomen (tot 18 jaar: 2000 ie/dag gedurende 6 weken; boven 18 jaar: 6000 ie/dag gedurende 8 weken). Bij verhoging van de vitamine D-inname stijgt de calcidiolspiegel geleidelijk en bereikt een ‘steady state’ na 6 tot 8 weken.


Een calcidiolspiegel boven 75 nmol/l is goed, een calcidiolspiegel boven 100 nmol/l (100-150 nmol/l) is nog beter, mede omdat een calcidiolspiegel boven 100 nmol/l is geassocieerd met een kleinere kans op diverse vormen van kanker. Om dit te bereiken zijn veelal doseringen nodig van (ten minste) 50-100 mcg (2000-4000 ie) vitamine D per dag (volwassenen). Een dagdosis tot 100 mcg is veilig; een hogere dagdosis mag alleen worden ingenomen op advies van een deskundige. Periodieke controle van de calcidiolserumspiegel is een belangrijk hulpmiddel om te zien of de vitamine D-inname toereikend is maar niet leidt tot een te hoge calcidiolspiegel.

*100 ie (internationale eenheden) vitamine D komt overeen met 2,5 mcg (microgram) vitamine D.


Interactie

Verschillende medicijnen hebben een negatieve invloed op de vitamine D-status of vitamine D-werking: anti-epileptica (waaronder carbamazepine, fenytoïne, primidon, fenobarbital), corticosteroïden, cimetidine, colestipol, colestyramine, cyclosporine, laxeermiddelen, etidronaat, heparine, steroïdhormonen en tuberculostatica (waaronder isoniazide, rifampicine). Door het gebruik van deze medicijnen kan de vitamine D-behoefte tot 2-3 keer hoger zijn.

Vitamine D verhoogt de absorptie van toxines zoals aluminium, arseen, lood, cadmium, kobalt en strontium, maar ook van essentiële mineralen (calcium, magnesium, koper, zink, ijzer, selenium). Voldoende inname van essentiële mineralen naast vitamine D voorkomt ongewenste absorptie van toxines.

Vitamine D en vitamine K hebben een synergetische werking bij osteoartritis.

Vitamine D kan de bloedspiegel van atorvastatine (Lipitor) en ander medicijnen verlagen die worden gemetaboliseerd door CYP3A4.

Suppletie met vitamine D kan in combinatie met synthetische vitamine D-analogen de kans op hypercalcemie vergroten.

Wees terughoudend met hoge doseringen vitamine D bij gebruik van thiazidediuretica (die de calciumuitscheiding verlagen) of calciumsupplementen; vitamine D-suppletie kan in die gevallen sneller leiden tot hypercalcemie.


Veiligheid

Vitamine D is veel minder toxisch dan voorheen werd aangenomen (bij iedere verhoging van de vitamine D-inname neemt de calcidiolspiegel minder snel toe; deze bereikt een plateau van gemiddeld 150 nmol/l bij een inname tussen circa 4000 en 10.000 ie vitamine D per dag. De kans op vitamine D-toxiciteit met hypercalciëmie en hypercalciurie neemt past toe bij doseringen boven 250 mcg per dag (10.000 IU/d) of een calcidiolbloedspiegel boven 220-250 nmol/l. Het is goed te weten dat het effect op de vitamine D-status van blootstelling van het hele lichaam aan een hoeveelheid zonlicht dat zorgt voor lichte roodkleuring van de huid (minimale erythemale dosis) vergelijkbaar is met een orale dosis vitamine D van circa 10.000-25.000 ie. Bij mensen die in een zonnig klimaat leven (dicht bij de evenaar), veel buiten zijn, weinig bedekkende kleding dragen en geen zonnebrandmiddelen gebruiken, kan de calcidiolspiegel door de lichaamseigen vitamine D-synthese stijgen tot 225 nmol/l zonder nadelige gevolgen voor de gezondheid.


Vitamine B1

Vitamine B1 (thiamine) is als co-enzym essentieel voor de energieproductie uit koolhydraten en ondersteunt daarmee organen die voor hun energieproductie afhankelijk zijn van koolhydraten zoals hersenen, spieren, hart en zenuwen.


B1 ondersteunt een goede werking van het zenuwstelsel onder meer doordat het de prikkeloverdracht tussen de cellen, bijvoorbeeld bij de spieren, kan bevorderen. Daarnaast speelt thiamine een rol bij de vorming van hormonen, eiwitten en enzymen. Thiamine is belangrijk voor het geheugen.

Het wateroplosbare thiamine wordt niet opgeslagen en dient elke dag in voldoende mate aangeboden te worden bij voorkeur door een gevarieerde voeding en anders door middel van een voedingssupplement.


Bronnen

Volkoren granen, varkensvlees


Tekenen van een mogelijk tekort

Niet-specifieke klachten zoals vermoeidheid, prikkelbaarheid, verminderde eetlust, gewichtsverlies, slaapstoornissen, buikpijn, geheugenstoornissen; bij ernstig tekort: droge beriberi (perifere neuropathie), natte beriberi (cardiomyopathie, oedeem, melkzuuracidose), syndroom van Wernicke-Korsakov (geheugenverlies, verwardheid, moeite met lopen, oogklachten).


Indicaties

Vitamine B1-tekort (subklinisch tekort, beriberi, perifere neuritis geassocieerd met pellagra, neuritis tijdens zwangerschap, Wernicke-Korsakoff syndroom)

Malabsorptie van thiamine (alcoholisme, levercirrose, maagdarmziekten)

Lage thiamine inname met de voeding (anorexia, braken, alcoholisme, ouderen)

Verhoogde thiaminebehoefte (zwangerschap, hoge koolhydraatinname, stress, zwaar lichamelijk werk, hyperthyroïdie, infecties, diarree, leverziekten, diabetes mellitus, nierdialysepatiënten, ziekte van Crohn, HIV/AIDS)

Cataract (preventie)

Preventie en behandeling van diabetescomplicaties (nefropathie, neuropathie)

Hartfalen (cardiomyopathie)

Neurologische aandoeningen

Vermoeidheid geassocieerd met multiple sclerose, inflammatoire darmziekten, beroerte

Migraine

Lage rugpijn, ischias

Fibromyalgie

Dysmenorroe

Beenkramp tijdens zwangerschap

Contra-indicaties

Overgevoeligheid voor thiamine.


Gebruiksadviezen

Algemene adviesdosering: 100-300 mg/dag

Diabetische nefropathie/neuropathie: 300 mg/dag

* In het algemeen verdient het de voorkeur een vitamine B-complex in te zetten in plaats van afzonderlijke B-vitamines (B-vitamines werken in hoge mate samen). Adviseer daarom bij suppletie met een enkele B-vitamine (in een hoge dosis) tevens een vitamine B-complex (of een multi met B-vitamines).


Interactie

Verschillende medicijnen kunnen de vitamine B1-status verlagen, waaronder antibiotica (zoals sulfa preparaten), diuretica (met name lisdiuretica), anticonvulsiva, barbituraten, anticonceptiepil, fenytoïne, indomethacine, digoxine, antacida en fluorouracil. Suppetie van extra vitamine B1 kan gewenst zijn.

Alcohol, cafeïne, roken, rauwe vis, sterk geraffineerde voeding en het volgen van een dieet verhogen de thiaminebehoefte.

Voor de omzetting van thiamine in de actieve vorm is magnesium noodzakelijk. Vitamine C verbetert de thiamine-opname.

Thiamine heeft een vaatverwijdende werking bij mensen met een verhoogde bloedglucosespiegel en kan de werking van vaatverwijdende medicatie bij diabetici versterken.

Veiligheid

De toxiciteit van (oraal ingenomen) thiamine is zeer laag. Thiamine kan in een enkel geval dermatitis en andere overgevoeligheidsreacties veroorzaken.


Vitamine B3

Er zijn 2 vormen van vitamine B3, te weten niacine (nicotinezuur) en niacinamide (nicotinamide, niacine met daaraan gekoppeld een amidegroep). Vitamine B3 is een wateroplosbaar vitamine en heeft een sleutelpositie in de productie van twee van de meest belangrijke co-enzymen in het lichaam: NAD (nicotinamide adenine dinucleotide, coenzym I) en NADP (nicotinamide adenine dinucleotide fosfaat, coenzym II), welke betrokken zijn bij meer dan tweehonderd biochemische reacties. Vitamine B3 kan in het lichaam in beperkte mate gevormd worden uit tryptofaan.

Vitamine B3 is belangrijk voor de stofwisseling van koolhydraten, vetten, eiwitten en een groot aantal hormonen, neurotransmitters en enzymen en de energieproductie in de cellen. Niacine is goed voor de bloedcirculatie en bevordert een gezonde cholesterolspiegel. Niacine, niet niacinamide (niacine met daaraan gekoppeld een amidegroep), helpt het ongunstige LDL-cholesterol te verlagen en verhoogt gelijktijdig het gunstige HDL-cholesterol.


In fysiologisch doseringen zijn niacine en niacinamide uitwisselbaar; in hogere doseringen hebben niacine en niacinamide (deels) verschillende effecten. Niacine heeft een gunstige invloed op de vetstofwisseling en de bloedlipidenspiegels (niacinamide heeft dit effect niet), veroorzaakt vaatverwijding (flush) en remt vermoedelijk de bloedstolling en gaat trombose tegen door het verlagen van de fibrinogeenspiegel en het bevorderen van fibrinolyse. Niacine herstelt de endotheelbeschermende activiteit van HDL-cholesterol die is verstoord bij diabetes mellitus.


Bronnen

Bakkersgist, vlees, granen, peulvruchten, zaden, melk, groene groenten, vis, koffie, thee


Tekenen van een mogelijk tekort

Pellagra (bilaterale symmetrische lichtgevoelige huiduitslag, hyperpigmentatie, ontstoken slijmvliezen in de mond, ontstoken rode en gezwollen tong, hoge speekselaanmaak, vermoeidheid, chronische gastritis, diarree, misselijkheid, angst, depressie, hoofdpijn, dementie)


Indicaties

preventie en behandeling vitamine B3-tekort (vitamine B3-deficiëntieziekte pellagra: dermatitis, diarree, dementie)

verhoogde B3-behoefte: hyperthyroïdie, diabetes mellitus, levercirrose, diarree

dyslipidemie ** (hypertriglyceridemie, laag HDL-cholesterol, hoog LDL-cholesterol)

atherosclerose

perifere vasculaire ziekte

vaatspasme

migraine, premenstruele hoofdpijn

ziekte van Menière

vertigo

cholera

myocardinfarct (primaire en secundaire preventie)

beroerte (preventie)

cataract (preventie), leeftijdsgerelateerde maculadegeneratie, glaucoom

dysmenorroe

remming veroudering

schizofrenie

hallucinaties door drugsgebruik

ziekte van Alzheimer (ook preventie)

leeftijdsgerelateerde cognitieve achteruitgang

depressie

reisziekte

alcoholisme

oedeem

acne

ADHD (niacinamide)

gewrichtsontsteking

hoge bloeddruk

preventie huidkanker

** alleen niacine (niet niacinamide) heeft invloed op dyslipidemie


Contra-indicaties

Overgevoeligheid voor vitamine B3

Leverziekten

Ulcus pepticum (zweer van maag en/of twaalfvingerige darm)

Jicht

Alcoholisme

Zeer lage bloeddruk

Verminderde nierfunctie

Gebruiksadviezen

Algemene adviesdosering:100-500 mg/dag

Dyslipidemie (niacine): 500-1500 mg/dag (maximale LDL-verlaging bij 2000-3000 mg/dag)

Diarree door cholera: 2000 mg/dag

Preventie cataract: 100 mg/dag

Maculadegeneratie: 500 mg/dag

Hart- en vaatziekten: 1000 mg/dag

Diabetes: maximaal 1500 mg/dag (zie veiligheid en bijwerkingen)

*Vitamine B3 bij voorkeur in combinatie met een vitamine B-complex innemen (B-vitamines werken in hoge mate samen; tevens om stijging van de homocysteïnespiegel te voorkomen bij doses niacine boven 1000 mg/dag).


Maximale dosis: 3000 mg/dag


Interactie

Antibiotica, orale contraceptiva, isoniazide en alcohol kunnen de vitamine B3-status negatief beïnvloeden. Inname van extra vitamine B3 kan dan gewenst zijn.

Niacine remt de afbraak van anticonvulsiva als primidon, fenobarbital en carbamazepine, wat de kans op overdosering en toxiciteit van deze middelen vergroot.

Een hoge inname (meer dan 500 mg) van niacine dient vermeden te worden bij een verminderde leverfunctie, galblaasziekten, astma, jicht, hartaritmie, darmontstekingen, migraine, een actieve ulcus pepticum en bij het gebruik van bloeddrukverlagende medicijnen.

Niacine in hoge doseringen (meer dan 500 mg) kan de bloedglucose stofwisseling beïnvloeden. Diabetici dienen hierop bedacht te zijn.


Veiligheid

Niacine bevordert insulineresistentie en vermindert de glucosetolerantie op dosisafhankelijke wijze. De bloedglucosespiegel blijft bij mensen zonder diabetes meestal binnen de normaalwaarden; bij diabetici is het goed een maximale dosis van 1,5 gram niacine per dag aan te houden (bij deze dosis is het effect op de bloedglucosespiegel minimaal).

Niacine in een dosis boven 50 mg kan een ‘niacine flush’ veroorzaken met het rood worden van gezicht, armen en borst (soms met lichte zwelling van de huid) en een branderig, prikkelend en/of jeukend gevoel en soms hoofdpijn. Deze verschijnselen houden doorgaans 30 minuten tot een uur aan. Deze reactie kan heftig zijn, maar is ongevaarlijk en van voorbijgaande aard. Er is hierbij geen sprake van een allergische reactie. Deze flush kan beperkt worden door de dosis geleidelijk op te voeren en niacine te combineren met een vitamine B-complex en vitamine C. De niacine flush wordt ook tegengegaan met quercetine, luteoline of appelpectine.

Niacine is een suprafysiologische dosis verlaagt de uitscheiding van urinezuur, waardoor de kans op hyperuricemie en jicht kan toenemen.


Een dosis niacine boven 3 gram per dag kan toxisch zijn voor de lever (verhoogde leverfunctietesten, geelzucht) en maagdarmklachten veroorzaken (misselijkheid, braken, zuurbranden, gebrek aan eetlust, winderigheid, diarree, maagzweer).

Niacine kan een allergische reactie verergeren door de afgifte van histamine te stimuleren.


Een dosis niacine vanaf 1000 mg per dag kan de homocysteinespiegel significant verhogen; door naast niacine ook vitamine B6 te geven wordt stijging van de homocysteïnespiegel voorkomen.


Vitamine B5

Vitamine B5 (pantotheenzuur) is essentieel voor de groei, voortplanting en de normale fysiologische functies. Het is betrokken bij de energieproductie, de stofwisseling van koolhydraten, eiwitten en vetten en de synthese van lipiden, neurotransmitters, steroïdhormonen, porfyrinen en hemoglobine. Een goede vitamine B5-status draagt bij aan een gezonde huid, gezonde gewrichten en goede psychische gezondheid. Pantotheenzuur is aanwezig in veel voedingsmiddelen (het Griekse pantos betekent overal), maar het vitamine B5-gehalte in voeding kan sterk dalen door voedselraffinage, koken, invriezen en inblikken.


Vitamine B5 heeft een lage toxiciteit. De enige bijwerking die is gerapporteerd na inname van hoge doses vitamine B5 is diarree (in dat geval de dosis verlagen). Het wateroplosbare pantotheenzuur wordt niet opgeslagen en dient elke dag in voldoende mate aangeboden te worden.


Bronnen

Vlees, vis, gevogelte, groenten, peulvruchten, eieren, melk.


Tekenen van een mogelijk tekort

Eczeem, buikpijn, 'burning feet' (pijnlijk, branderig gevoel in de voeten), depressie, vermoeidheid, haaruitval, verminderde weerstand, slapeloosheid, geïrriteerdheid, lage bloeddruk, spierkramp, misselijkheid, slechte coördinatie.


Indicaties

Dislipidemie (hypertriglyceridemie, hypercholesterolemie)

Diabetes mellitus (remming vasculaire complicaties)

Stress, vermoeidheid (ondersteuning bijnierfunctie)

Reumatoïde artritis

Lupus erythematosus

Acne vulgaris

Wondheling

Hepatitis A

Preventie neurologische complicaties malaria (dieronderzoek)

Contra-indicaties

Zwangerschap en lactatie (ontbreken van veiligheidsgegevens).

Gebruiksadviezen

Algemene therapeutische dosering: 250-2000 mg/dag

Dislipidemie: 750 mg/dag

Reumatoïde artritis: 1000-2000 mg/dag

Lupus erythematosus: tot 10 gram/dag (in combinatie met vitamine E)


Interactie

Afzonderlijke B-vitaminen zoals pantotheenzuur kunnen het beste ingenomen worden in combinatie met een B-complex (synergie).

Pantotheenzuur kan de werking van acetylcholinesteraseremmers versterken (door stimulering van de acetylcholinesynthese).

Pantotheenzuur kan de werking van corticosteroïden versterken.

De anticonceptiepil kan de vitamine B5-status verlagen.

Pantotheenzuur beschermt mogelijk tegen vestibulaire ototoxiciteit (misselijkheid, braken, duizeligheid), een bijwerking van streptomycine.

Pantotheenzuur kan bijwerkingen van cisplatine (achteruitgang gehoor) en valproïnezuur (neuraalbuisdefecten, leverschade) tegengaan (dieronderzoek).


Veiligheid

De toxiciteit van pantotheenzuur is uiterst laag. In dieronderzoek werden bij doses tot 250 mg/kg/dag geen bijwerkingen gezien, evenals in humaan onderzoek bij doses tot 10 gram per dag. Een veilige bovengrens van inname voor pantotheenzuur is niet vastgesteld. Doses boven 2 gram pantotheenzuur per dag kunnen diarree en andere maagdarmklachten veroorzaken.


Vitamine B12

Vitamine B12 is een essentiële voedingsstof en speelt een belangrijke rol bij onder meer DNA-synthese, cellulaire herstelprocessen, bloedaanmaak en hersenfunctie. Een verlaagde vitamine B12-status kan een breed scala aan gezondheidsklachten veroorzaken. Preventie, vroege opsporing en behandeling van een vitamine B12-tekort is uitermate belangrijk, mede om irreversibele neurologische schade en beenmergfalen te voorkomen.

Vitamine B12 komt in het lichaam in twee biologisch actieve vormen voor: methylcobalamine en adenosylcobalamine. Methylcobalamine is een belangrijke methyldonor in het lichaam. Het speelt een rol bij de aanmaak van onder andere DNA, myeline en verscheidene neurotransmitters. Daarnaast helpt het bij de afbraak van homocysteïne waardoor het een verzorgende invloed heeft op hart- en bloedvaten en de hersenstofwisseling ondersteunt. Adenosylcobalamine is werkzaam in de mitochondriën. Het is onder andere betrokken bij de stofwisseling van vetzuren, cholesterol en eiwitten. Daarnaast speelt het een rol bij de energiehuishouding en de aanmaak van hemoglobine.


Ouderen nemen vitamine B12 uit een supplement beter op dan uit voeding. Mensen die vegetarisch eten, krijgen doorgaans minder vitamine B12 binnen. In dergelijke situaties kan aanvulling met een B12-supplement uitkomst bieden. Naar schatting 5 tot 10% van de Nederlandse bevolking heeft een vitamine B12-gebrek; bij ouderen kan dit percentage oplopen tot 20 tot 30%.


Bronnen

Vlees, vis, schelpdieren, gevogelte, zuivel en eieren (uitsluitend voeding van dierlijke herkomst).

Kwaliteitsaspecten

In voeding komt vitamine B12 doorgaans voor in de vorm van methylcobalamine en adenosylcobalamine (ook wel dibencozide genoemd). Dit zijn tevens de biologisch actieve (co-enzymatische) vormen zoals B12 door het lichaam wordt gebruikt. Cyanocobalamine is een synthetische, niet lichaamseigen vorm die in de meeste voedingssupplementen wordt gebruikt. Het voordeel van een voedingssupplement met de biologisch actieve (co-enzymatische) vormen is dat vitamine B12 dan direct beschikbaar is voor het lichaam.


Tekenen van een mogelijk tekort

Megaloblastaire anemie, pernicieuze anemie, demyeliniserende ziekte (perifere neuropathie, gecombineerde strengziekte, autonome neuropathie, hersenaandoeningen), gebrek aan eetlust, atrofische glossitis, diarree of constipatie, snel bloedend tandvlees, verminderde vruchtbaarheid, menstruatieproblemen, slaapproblemen, gewrichtspijn, verminderde weerstand, migraine, rugklachten, rusteloze benen, ontstoken slijmvliezen (zie ook het uitgebreide artikel over vitamine B12).

Indicaties

Vitamine B12-tekort; symptomen en aandoeningen die kunnen wijzen op vitamine B12-tekort (voor een volledig overzicht zie uitgebreid artikel vitamine B12): *Megaloblastaire anemie en voorstadia (chronische vermoeidheid; licht gevoel in het hoofd; hoofdpijn; kortademigheid (vooral bij inspanning); spierzwakte bij inspanning; bleke huid en lippen; oorsuizen; koude handen en voeten; gele verkleuring huid en oogwit; onbegrepen langdurige koorts); *Demyeliniserende ziekte en voorstadia (persoonlijkheidsveranderingen; problemen met denken, concentratie en/of geheugen (cognitieve defecten); depressie, bipolaire stoornis, psychose, angststoornis, catatonie, stemmingswisselingen, gewelddadig gedrag ('megaloblastaire waanzin'); dementie; paresthesieën; afname proprioceptie; afname vibratiezin; ataxie; spierzwakte armen en benen; spasticiteit; orthostatische hypotensie; incontinentie; impotentie; spiertrillingen; problemen met zien, ruiken, proeven en/of horen; *Symptomen maagdarmkanaal (gebrek aan eetlust; misselijkheid; atrofische glossitis; stomatitis; snel bloedend tandvlees; diarree of constipatie; malabsorptie); *Overige symptomen (verminderde vruchtbaarheid of onvruchtbaarheid; vroeggeboorte; menstruatieproblemen; reversibele hyperpigmentatie van huid en/of slijmvliezen; vitiligo; migraine; slaapstoornissen; gewrichtspijnen; ontstoken slijmvliezen; hart- en vaatziekten, trombose; haaruitval; brokkelige nagels; verminderde weerstand; allergieën; rugklachten; rusteloze benen; verlammingsverschijnselen; osteoporose; onbegrepen chronische hoest)

Verhoogd risico vitamine B12-tekort: vegetariërs/veganisten, ouderen, alcoholisten, atrofische gastritis, tekort aan intrinsic factor of pancreasenzymen (onder meer door pernicieuze anemie, chronische pancreatitis, cystische fibrose), autoimmuunziekten, maagresectie, bacteriële overgroei dunne darm, ziekte van Crohn, coeliakie, darmparasieten, hyper- en hypothyroïdie, diabetes type 1 en 2, zwangerschap en het geven van borstvoeding, roken, chronische nierziekten, medicijngebruik (zie interacties)

Carpaletunnelsyndroom

Asthenopenie (accomodatiezwakte bij vermoeidheid ogen)

Verminderde vruchtbaarheid bij mannen

Chronische hepatitis C en andere chronische leveraandoeningen

Slaapproblemen (verstoord dag-nachtritme)

Preventie endotheelschade bij sikkelcelziekte (vitamine B12 combineren met foliumzuur en vitamine B6)

Recidiverende aften

Chronische erythema nodosum

Perifere facialis parese (aangezichtsverlamming van Bell)

Autisme

Contra-indicaties

Overgevoeligheid voor kobalt of cobalamine.


Gebruiksadviezen

Algemene onderhoudsdosering: 1000 mcg per dag

Malabsorptie: 1000-2000 mcg per dag, eventueel hoger (afhankelijk van de ernst van malabsorptie)

Verminderde vruchtbaarheid bij mannen: 1500-6000 mcg per dag

Gebruik vitamine B12 bij voorkeur in combinatie met een vitamine B-complex of een multi met B-vitamines


Orale suppletie met vitamine B12 in doseringen van 1000 tot 2000 μg/dag is even effectief als intramusculaire injecties


Interactie

Langdurig gebruik van metformine (en andere biguanides) is een belangrijke oorzaak van vitamine B12-tekort bij diabetici. Geregelde controle van de vitamine B12-status en aanvullende suppletie met vitamine B12 is sterk aan te raden. Daarnaast helpt calciumsuppletie metformine-geïnduceerde malabsorptie van vitamine B12 tegen te gaan.

Isotretinoïne, colchicine, neomycine, H2-receptorantagonisten, protonpompremmers, galzuurbindende harsen, orale contraceptiva, aminoglycoside antibiotica, chlooramfenicol, anti-epileptica, HIV-medicatie, methotrexaat en fibraten verlagen de vitamine B12-status. Extra inname van vitamine B12 is gewenst.

Lachgas (N2O, distikstofmonoxide) inactiveert vitamine B12 en veroorzaakt een functionele vitamine B12-deficiëntie.

Vitamine B12 heeft een synergetische interactie met vitamine D bij de preventie van heupfracturen.

Vitamine B12 kan de effectiviteit van antidepressiva zoals SSRI’s verhogen.

Foliumzuursuppletie maskeert een aanwezige vitamine B12-deficiëntie en zorgt voor verdere stijging van de MMA- en homocysteïnespiegel. Bij gebruik van extra foliumzuur (met name bij doses boven 1000 μg/d) is het belangrijk tevens vitamine B12 te suppleren.

Alfaliponzuur versterkt het gunstige effect van vitamine B12 bij diabetische perifere neuropathie.

Spirulina remt vermoedelijk de opname van vitamine B12; neem vitamine B12 op een ander tijdstip van de dag in dan spirulina.


Veiligheid

Bij vitamine B12-suppletie heeft een voedingssupplement de voorkeur boven intramusculaire injecties (Ned Tijdschr Geneeskd 2009;153:B485), behalve bij ernstige neurologische klachten. Vitamine B12 is een zeer veilig supplement (er is geen bovengrens van inname voor vitamine B12 vastgesteld).


Foliumzuur/folaat

Evenals vitamine B12 is foliumzuur essentieel voor de synthese van DNA en RNA en het goed verlopen van de celdeling. Ook is foliumzuur betrokken bij de eiwitstofwisseling en de vorming van hemoglobine. Foliumzuur is belangrijk voor het zenuwstelsel en immuunsysteem en verlaagt de homocysteïnespiegel (risicofactor voor onder meer trombose, hart- en vaatziekten en dementie). Tijdens de zwangerschap is foliumzuur betrokken bij de sluiting van de neuraalbuis. Het advies om voor en tijdens de zwangerschap een foliumzuursupplement in te nemen, is algemeen bekend.


Bronnen

Foliumzuur is aanwezig in groene (blad)groenten, fruit, volkoren granen, peulvruchten en in mindere mate in melk(producten).


Kwaliteitsaspecten

Foliumzuur (pteroylmonoglutaminezuur), dat omwille van stabiliteit meestal gebruikt wordt in voedingssupplementen, is de synthetische, geoxideerde vorm van het natuurlijke, erg instabiele folaat (tetrahydrofolaat). Folaat is wat in voeding voorkomt en door het lichaam gebruikt wordt. Foliumzuur (uit supplementen) moet door het lichaam omgezet worden in tetrahydrofolaat en vervolgens in 5-methyltetrahydrofolaat (5-MTHF). Onderzoek toont aan dat dit complexe omzettingsproces in het lichaam erg traag en inefficiënt verloopt. Suppletie van 5-MTHF omzeilt dit probleem en zorgt ervoor dat het direct door het lichaam gebruikt kan worden.


Wanneer 5-methyltetrahydrofolaat gebonden wordt aan glucosaminezout is het mogelijk om de biologisch actieve vorm stabiel te houden en heeft het optimale opneembaarheid. Daarnaast is het in staat om de bloed-/hersenbarrière te passeren, in tegenstelling tot de ‘gewone’ (synthetische) vorm van foliumzuur. Studies laten daarbij zien dat 5-MTHF gebonden aan glucosaminezout een hogere wateroplosbaarheid, stabiliteit en biologische beschikbaarheid heeft dan 5-MTHF gebonden aan calciumzout.


Tekenen van een mogelijk tekort

Een (langdurig) foliumzuurtekort kan zich onder meer uiten in megaloblastaire anemie, een verhoogde homocysteïnespiegel, hart- en vaatziekten, cognitieve achteruitgang, depressie, een verhoogde kans op kanker en zwangerschapscomplicaties (spontane abortus, placentaloslating, neuraalbuisdefecten en andere aangeboren afwijkingen bij het kind).

Indicaties

Lage foliumzuurinname met de voeding

Verhoogde foliumzuurbehoefte (intestinale malabsorptie, leverziekten, nierdialyse, alcoholisme)

Megaloblastaire anemie

Zwangerschap(swens)

Hyperhomocysteinemie

Preventie ouderdomsslechthorendheid (presbyacusis)

Leeftijdsgerelateerde maculadegeneratie (AMD)

Depressie

Preventie kanker (borst, baarmoederhals, prostaat, dikke darm, endeldarm, alvleesklier)

Vitiligo

Verminderde vruchtbaarheid (mannen)

Preventie (leeftijdsgerelateerde) cognitieve achteruitgang en dementie

Preventie beroerte

Rusteloze benen

Contra-indicaties

Overgevoeligheid voor foliumzuur (zeldzaam)

Gebruiksadviezen

Algemene (onderhouds)dosering: 400-800 mcg/dag

Algemene therapeutische dosering*: 800-5000 mcg/dag

Hyperhomocysteinemie: 800-1000 mcg/dag; gebruik naast foliumzuur ook extra vitamine B12 (400-1000 mcg/dag) en vitamine B6 (20-50 mg/dag)

Preventie ouderdomsslechthorendheid: 800 mcg/dag

Subfertiliteit bij mannen: 2000-5000 mcg/dag (in combinatie met zink)

Zwangerschap(wens): 400-800 mcg/dag in de maanden rondom de conceptie (bij neuraalbuisdefect vorige zwangerschap 4000 mcg/dag)

* Gebruik foliumzuur bij voorkeur in een dosis lager dan de aanvaardbare bovengrens (upper limit of UL) van 1000 mcg foliumzuur per dag.


* Bij foliumzuursuppletie dient de vitamine B12-status goed in de gaten gehouden te worden, vooral bij doseringen boven 1000 mcg foliumzuur per dag (gebruik dan in elk geval een multi of vitamine B-complex met voldoende vitamine B12).


* B-vitamines hebben een sterke wisselwerking; gebruik daarom bij voorkeur een vitamine B-complex (of een multi met B-vitamines) naast een afzonderlijke (hooggedoseerde) B-vitamine.


Interactie

Foliumzuur vermindert de giftigheid van methotrexaat; foliumzuursuppletie verlaagt de effectiviteit van methotrexaat bij reuma en psoriasis niet, maar bij kanker mogelijk wel.

Fenytoïne en andere anticonvulsiva (waaronder primidon en carbamazepine) verhogen de foliumzuurbehoefte; foliumzuursuppletie kan echter leiden tot verlaging van de bloedspiegel van het anticonvulsivum, waardoor deze minder effectief is; monitoren van de medicijnspiegel is daarom belangrijk.

Foliumzuur kan de effectiviteit van cholinesterase remmers bij Alzheimer verhogen.

Foliumzuur kan de effectiviteit van antidepressiva, antidiabetica en antihypertensiva verhogen.

Verschillende medicijnen waaronder barbituraten, de anticonceptiepil, colestipol, cycloserine, diuretica (waaronder triamtereen), nitrofurantoïne, NSAID’s, salicylaten, aminosalicylzuur, methotrexaat, cholestyramine, chlooramphenicol, H2- receptorantagonisten, colchicine, antacida, trimethoprim, metformine, sulfasalazine en corticosteroïden kunnen de foliumzuurstatus negatief beïnvloeden; extra inname van foliumzuur kan gewenst zijn.

Foliumzuur voorkomt mogelijk nitroglycerine tolerantie.

Foliumzuur vermindert de toxiciteit van arseen.

Een hoge dosis foliumzuur kan de toxiciteit van 5-fluorouracil en capecitabine vergroten; wees bij gebruik van deze antikanker medicijnen voorzichtig met foliumzuursuppletie.

Voor de omzetting van foliumzuur in de actieve vorm is vitamine B12, niacine en vitamine C nodig.


Vitamine C vermindert de foliumzuuruitscheiding.

Een hoge foliumzuurinname kan de zink-opname verminderen.

Alcohol en roken kunnen de foliumzuurbehoefte verhogen.

Groene thee kan de opname van foliumzuur verlagen.


Veiligheid

Foliumzuur in een dosis tot 1000 mcg (UL of upper limit) wordt goed verdragen; doses hoger dan 1000 mcg per dag kunnen maagdarmklachten of huidklachten geven. Een hoge dosis foliumzuur in combinatie met een vitamine B12-tekort kan neuropathie uitlokken of verergeren; combineer daarom foliumzuur bij voorkeur met een vitamine B-complex en/of een multi die (voldoende) vitamine B12 bevat.


Vitamine K2

Vitamine K is belangrijker voor onze gezondheid dan we voorheen dachten. De vitamine ondersteunt niet alleen de bloedstolling, een functie van vitamine K die al heel lang bekend is. Ook is vitamine K essentieel voor de activiteit van een speciaal weefseleiwit (matrix Gla proteïne) dat door het binden van calcium helpt bij het soepel en elastisch houden van de slagaderwand, het gewrichtskraakbeen en andere zachte weefsels in het lichaam. Daarnaast is vitamine K onontbeerlijk voor de activiteit van osteocalcine, een boteiwit dat een belangrijke rol speelt bij de vorming en instandhouding van gezond en goed gemineraliseerd botweefsel. Deze nieuwe functies vervult vitamine K2 (menaquinon) veel beter dan vitamine K1 (fylloquinon), de voornaamste bron van vitamine K in westerse voeding. Menaquinon (MK) kan bestaan uit MK-4, MK-6, MK-7, MK-8 en MK-9, die zich van elkaar onderscheiden door de lengte van de zijketen (zie figuur). Vitamine K in westerse voeding bestaat voor 90% uit het slecht opneembare K1 en slechts voor 10% uit K2 dat uitstekend wordt opgenomen. Er is wetenschappelijk bewijs dat de vitamine K-inname van veel volwassenen en kinderen onvoldoende is voor een optimale vitamine K-status.


Bronnen

Vitamine K1: groene bladgroenten zoals spinazie, broccoli en kool, plantaardige margarine, boter.

Vitamine K2: natto of fermentatie van kikkererwtenmeel (MK-7); vlees en eieren (MK-4); (gefermenteerde) zuivelproducten zoals kaas en yoghurt (MK-8 en MK-9).

Kwaliteitsaspecten

Menaquinon-7 (MK-7) is een krachtige, natuurlijke vorm van vitamine K2 geproduceerd door fermentatie. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat MK-7 de meest effectieve vorm van vitamine K is om de vitamine K-status in het lichaam te optimaliseren. MK-7 heeft een veel hogere biologische beschikbaarheid dan vitamine K1, maar ook dan andere vormen van K2 (zoals MK-4, MK-6 en MK-9). Natuurlijke vitamine K2 bevat vaak naast MK-7 ook wat MK-4, MK-6 en MK-9, maar deze andere vormen kunnen voor concurrentie zorgen en de biologische beschikbaarheid van het preparaat verminderen. Let er op dat er bij combinatiepreparaten, waar naast mineralen (zoals calcium en magnesium) ook vitamine K2 in voorkomt, gebruik is gemaakt van een zogenaamde geëncapsuleerde vorm van vitamine K2, omdat de combinatie met een hoge dosering mineralen ervoor kan zorgen dat het gehalte vitamine K2 kan teruglopen.


Tekenen van een mogelijk tekort

Inadequate stolling (langere bloedingstijd, spontane bloedingen, blauwe plekken, bloedneus, menorragie, hematurie), versnelde afname van elasticiteit van de vaten, osteoporose

Indicaties

inadequate vitamine-K status

(preventie) osteoporose

verhoogde vitamine K-behoefte tijdens groeispurt puberteit

(preventie) arteriosclerose (verstijving en verlies van elasticiteit van de slagaders)

verhoogd risico op arteriosclerose (chronische nierziekten, diabetes type 1 en 2)

artritis/artrose

(preventie) metabool syndroom

cystische fibrose

kanker(preventie)

preventie leverkanker (hepatocellulair carcinoom) door hepatitis C

chronische leverziekten

inflammatoire darmziekten

Contra-indicaties

Gebruik van een coumarinederivaat (een specifiek type antistollingsmiddel zoals warfarine en acenocoumarol waarvan de werking is gebaseerd op vitamine K-antagonisme); suppletie met vitamine K2 alleen in overleg met een (orthomoleculair) arts.


Gebruiksadviezen

Algemene onderhoudsdosering: 90-180 mcg per dag


Interactie

Vitamine K2 vermindert de werking van antistollingsmedicatie zoals warfarine (coumarinederivaten zijn vitamine K-antagonisten). Wees voorzichtig met vitamine K-suppletie. Dit geldt ook voor lage doseringen (onder de 45 mcg).

Corticosteroïden, breedspectrum antibiotica (vooral sulfonamides), anticonvulsiva (fenobarbital, fenytoïne, carbamazepine), galzuurbindende harsen (cholestyramine, colestipol), orlistat, cefalosporines, laxeermiddelen, quinine, quinidine, dactinomycine, sucralfaat, leuprolide en salicylaten kunnen de vitamine K-status verlagen. Inname van extra vitamine K2 kan gewenst zijn.

Vitamine E in een dosis hoger dan 800 ie per dag verhoogt de vitamine K-behoefte.


Veiligheid

Mensen die antistollingsmedicatie innemen, doen er goed aan vitamine K2 uitsluitend in overleg en onder controle van een arts te gebruiken. Vitamine K2 heeft een lage toxiciteit. In met name Japanse studies zijn zonder nadelige bijwerkingen doseringen tot 45 mg (45000 mcg) vitamine K2 (als MK-4) per dag gebruikt. Ook zeer hoge doseringen vitamine K2 geven geen aanleiding tot een verhoogde vorming of activiteit van stollingseiwitten en leiden dus niet tot hypercoagulatie. De stollingseiwitten in de lever worden geactiveerd door vitamine K2 en als ze eenmaal maximaal zijn geactiveerd, werkt het bloedstollingssysteem optimaal en is overactivatie hiervan door vitamine K2 niet mogelijk.


Vitamine A

Vitamine A werd in 1913 ontdekt, toen wetenschappers zagen dat de stof van belang is voor het aanpassen van de ogen aan de duisternis. Het lichaam haalt vitamine A gedeeltelijk uit dierlijke vetten en maakt een gedeelte zelf aan uit bètacaroteen.


Vitamine A is in de cel betrokken bij verschillende biochemische en fysiologische processen. Voldoende inname van vitamine A is van belang voor gezichtvermogen (zien bij lage lichtintensiteit), genexpressie, celdeling en celdifferentiatie, kwaliteit van slijmvliezen en epitheelweefsel (wondheling), groei en ontwikkeling, voortplanting, longfunctie, antioxidantstatus en een goede afweer tegen ziektes. All-trans retinoinezuur (ATRA) is de biologisch actieve vorm van vitamine A en reguleert de expressie van genen die coderen voor structurele eiwitten (zoals keratine in de huid), enzymen (zoals alcoholdehydrogenase), extracellulaire matrixeiwitten (waaronder laminine) en retinolbindende eiwitten en receptoren. Vitamine A is belangrijk voor de utilisatie van ijzer en de preventie van bloedarmoede.


Aangezien vitamine A vetoplosbaar is, kan een te hoge inname leiden tot vergiftiging. Bij bètacaroteen, dat deels in vitamine A wordt omgezet, bestaat dit gevaar niet.


Bronnen

Belangrijke bronnen voor vitamine A zijn lever, vis, (half)volle melk en melkproducten en boter. Groenten en fruit bevatten bèta-caroteen, dat door het lichaam naar behoefte wordt omgezet in vitamine A. Daarnaast wordt er in Nederland vitamine A toegevoegd aan margarine, halvarine en bak- en braadproducten tot het niveau van boter.


Let op: Lever bevat grote hoeveelheden vitamine A. Bijvoorbeeld: 15 gram runderlever bevat al ruim 5400 microgram vitamine A, terwijl de veilige bovengrens 3000 microgram per dag is.


Tekenen van een mogelijk tekort

Nachtblindheid (keratomalacie), veranderingen in de huid, zoals (folliculaire) hyperkeratose, een verhoogde gevoeligheid voor infecties, diarree en bloedarmoede. Een langdurig, ernstig tekort leidt tot blindheid (xeroftalmie). Vitamine A-tekort is met name een probleem in ontwikkelingslanden. In Nederland heeft ongeveer 20-30% van de volwassenen een te lage vitamine A-inname met de voeding en bijna 10 procent van de jonge kinderen daarentegen een te hoge inname van vitamine A. Een vitamine A-tekort verhoogt de kans op parasitaire infecties.


Indicaties

Vitamine A-tekort

Verhoogde vitamine A-behoefte door ziekte: infectieziekten (met name mazelen en malaria), alcoholisme, diabetes mellitus, hyperthyroïdie, koorts, leverziekten, taaislijmziekte, abetalipoproteïnemie

Preventie oogaandoeningen: nachtbindheid, xerophtalmie, slecht zien, maculadegeneratie, glaucoom, cataract, retinitis pigmentosa

Herstel na ooglaseren (in combinatie met vitamine E)

Ondersteuning immuunsysteem

Huidaandoeningen: acne, eczeem, psoriasis, koortslip, wonden, brandwonden, verbranding, keratosis follicularis, ichthyosis, lichen planus pigmentosus

Preventie borstkanker

IJzergebreksanemie (samen met ijzer)

Preventie postoperatieve complicaties (in combinatie met zink)

Multiple sclerose (bij verlaagde vitamine A-status)

Preventie cognitieve achteruitgang en dementie (door marginaal vitamine A-tekort)


Gebruiksadviezen

Algemene adviesdosering: 4000 ie per dag bij de (vetbevattende) maaltijd.

Biochemisch aangetoond vitamine A-tekort (volwassenen): tijdelijk 12.000-24.000 ie per dag tot klinische verbetering optreedt, meestal in 1-2 weken.

* Postmenopausale vrouwen, die een hoger risico op osteoporose en botbreuken hebben, doen er mogelijk goed aan de maximale vitamine A-inname (uit voeding en supplementen) te beperken tot 1,5 mg (1500 mcg) retinol per dag.

1 RAE (retinol activiteit equivalent) ~ 1 mcg (microgram) retinol ~ 3,3 ie (internationale eenheden) vitamine A-activiteit


Interactie

Suppletie van vitamine A naast maagzuurremmers bevordert de genezing van maagzweren.

Suppletie met vitamine A kan gunstig zijn bij chemotherapie (opheffen verlaagde vitamine A-status, verminderen bijwerkingen en/of verhoging effectiviteit cytostatica), maar kan in een aantal gevallen ook resulteren in een nega